Wie verdient er een herkansing?
- Kees Postma
- 18 mrt
- 3 minuten om te lezen
Ik ben inmiddels op de gezegende leeftijd gekomen dat de zwemlessen van mijn kinderen bijna tot het verleden behoren. Alleen Rebekka (7) heeft nog zwemles. Diploma A is inmiddels in de pocket, vanmiddag mag ze afzwemmen voor diploma B.
Vijftig enthousiaste kinderen, vier oververmoeide badjuffen en honderden ouders, opa’s en oudtantes hebben ze zich langs het 25-meterbad verzameld. De intocht van de kinderen verloopt zoals altijd: met veel bombarie en campinganimatiemuziek. Ik zie de spanning op het gezicht van mijn jongste. Dat zwemmen onder water, door een gat, blijft een dingetje. De vier kinderen voor haar redden het. Haar hoofdje komt ruim een meter voor het gat alweer boven. Ze zwemt eromheen en kijkt verdrietig rond. Of er traantjes zijn, is niet zichtbaar, huilen in het zwembad kan zonder dat iemand het ziet.
Na een half uur watertrappelen, duiken, rug- en borstcrawl mogen alle kinderen uit het water komen en op een rij gaan staan. Drie kinderen worden apart genomen, waaronder Rebekka. Ze luisteren aandachtig naar de badjuf die door haar knieën gaat en hun iets toefluistert. De koude beentjes trillen en de hoofdjes maken een knikkende beweging. Ze mogen niet in de rij gaan staan, bij alle kinderen die het wel hebben gehaald. Ze kijkt even naar ons.
Maar nog niet alle hoop is verloren. Ze gaan weer achter het startblok staan. Ze krijgen allemaal een herkansing om hun diploma toch nog te halen. Rebekka mag als eerste. Het hart klopt ook mij in de keel. De afsprong is goed en ze lijkt diep genoeg te gaan om haar doel te halen. Vanbinnen bid ik een schietgebedje. Als ze bovenkomt, kijkt ze even achterom. Het gat ligt wel twee meter achter haar. Ze kreeg een herkansing en heeft die verzilverd. Mijn vrouw en ik slaken een zucht van verlichting. Nooit meer leszwemmen! Maar bovenal: ze heeft het gehaald! Met een diploma wapperend in de hand en een laatste buiging voor het uitzinnige publiek trekt ze voor de laatste maal richting de douches.
Vanbinnen bid ik een schietgebedje. Als ze bovenkomt, kijkt ze even achterom.
Aan de tafel valt een stilte. Of het de ongemakkelijke variant was, wordt niet duidelijk. Jezus richt Zijn blik op een van zijn meest onstuimige volgelingen, die regelmatig van hoge pieken naar diepe dalen ging. In Caesarea, het epicentrum van duizend duisternissen, werd hij nog geëerd door Jezus met de belofte dat Hij Zijn kerk zal bouwen op de belijdenis die híj had uitgesproken. Enige tijd later zal hij driemaal roepen dat hij die Man uit Galilea niet kent. De verhoging en verloochening van Jezus, uit één mond opgetekend.
Jezus spreekt hem hier aan tafel aan met zijn geboortenaam, zoals Hij hem ook aansprak bij hun eerste ontmoeting: Simon, zoon van Jona. Misschien doet Jezus dat wel om opnieuw te beginnen, zodat Simon – bij ons beter bekend als Petrus – deels kan vergeten wat achter hem ligt. Terug naar waar het nog goed zat. De drie vragen die Jezus later, na Zijn opstanding, aan Petrus stelt, hebben ongetwijfeld betrekking op diens drievoudige verloochening van Jezus. De vraag gaat door merg en been: ‘Heb je Mij lief? Méér dan de andere discipelen?’ Petrus, die voor Jezus’ kruisiging nogal pochte over zijn liefde, trouw en toewijding, zingt nu een toontje lager: ‘U weet dat ik van U houd.’ Hij stelt zich niet langer boven de andere discipelen.
De vraag gaat door merg en been: ‘Heb je Mij lief?
Hier aan tafel verzilvert Petrus zijn herkansing. Hij zal, zij het zo nu en dan nog weifelend, een ontzettend bruikbaar stuk gereedschap worden in de handen van de hemelse Timmerman.
Misschien ben je, net als Petrus, op zoek naar een herkansing. Je hebt ooit de stem van God verstaan, maar je hebt niet gehoorzaamd. Je hebt juist het tegenovergestelde gedaan. Net als Petrus, of als Jona, of als David of als… En zo kan ik nog wel even doorgaan. Ooit heb je jouw kroon aan de voeten van Jezus gelegd, maar je hebt hem inmiddels alweer stevig op je hoofd. Maak het maar in orde. Jezus geeft ons graag een tweede, derde en vierde kans. Dus zwem maar door dat gat en zing een toontje lager. Iets wat gebogen is, breekt Hij niet. Sterker nog: je buiging is de eerste stap richting je herstel.
Dit soort columns in je mailbox? Schrijf je in voor mijn nieuwsbrief op de homepage. Je ontvangt dan mijn verhalen, boekennieuws en kortingen direct in je mailbox!
Je las een overdenking uit Doen als Jezus - De Man die alles veranderde. Richting Pasen krijg je 50% korting op de cursus wanneer je het boek besteld. Veel leesplezier!




Opmerkingen